Haven Amsterdam is één van de belangrijkste havenbeheerders in de zeehavenregio, verantwoordelijk voor het havengebied Westpoort en voor de scheepvaart-begeleiding in de gehele regio. De Amsterdamse haven is eigendom van de gemeente Amsterdam. In opdracht van het gemeentebestuur beheert, exploiteert en ontwikkelt Haven Amsterdam (HA) de haven. Het gaat om een grondgebied van 1.900 hectare en nog eens 600 hectare vaarwater.
Nautisch beheer, regelgeving en handhaving ten behoeve van een veilig scheepvaartverkeer en bescherming van natuur en milieu
Het nautisch beheer strekt zich uit vanaf de rede bij IJmuiden tot nabij de Oranjesluizen en het Amsterdam-Rijnkanaal. De patrouillevaartuigen (vier in het Amsterdamse havengebied en één in IJmuiden) houden toezicht op een veilige, vlotte en milieuverantwoorde afwikkeling van het scheepvaartverkeer. Hiertoe hebben zij controlerende en opsporende bevoegdheden. Tevens zijn 2 patrouillevaartuigen volledig ingericht als blusboot. De patrouillevaartuigen houden zich bezig met ligplaatsbeheer, het begeleiden van het scheepvaartverkeer, het toezicht houden op orde en veiligheid en waar nodig het ingrijpen bij gevaar, het bieden van ondersteuning bij beslaglegging op schepen, het keuren van bedrijfsvaartuigen en het bestrijden van verontreiniging van oppervlaktewater. De afdeling Gevaarlijke Stoffen en Milieu controleert of de behandeling, overslag, bewerking en het vervoer van gevaarlijke stoffen, waaronder chemicaliën en stankstoffen, afvalstoffen, etcetera, veilig, verantwoord en volgens de voorschriften gebeurt. De Nautische Sector is tevens verantwoordelijk voor de afwikkeling van het scheepvaartverkeer in en rond de sluizen van IJmuiden. Nautische samenwerking De nautische taken in de zin van scheepvaartverkeerbegeleiding (teneinde zorg te dragen voor een zo vlot, veilig en milieuverantwoord mogelijk scheepvaartverkeer) over het Noordzeekanaal alsmede een goede scheepvaartverkeerafhandeling bij de zeesluizen in IJmuiden zijn ondergebracht in een gemeenschappelijke regeling, het Centraal Nautisch Beheer Noordzeekanaalgebied. Dit Centraal Nautisch Beheer wordt gevormd door de gemeenten Velsen, Beverwijk, Zaanstad en Amsterdam. De particuliere havenbeheerders Corus B.V. en Zeehaven IJmuiden N.V. zijn hier nauw bij betrokken. Met de rijksoverheid (het Ministerie van Verkeer en Waterstaat) heeft het Centraal Nautisch Beheer een overeenkomst gesloten op basis waarvan zorg wordt gedragen voor de uitvoering van de rijkstaken in het Noordzeekanaalgebied. Haven Amsterdam voert de taken voor het Centraal Nautisch Beheer uit.
Het nautisch beheersgebied
Aanloop IJmuiden
De erker aangebouwd aan het Haven Operatie Centrum is gevestigd aan de rand van Haven IJmuiden. Vanuit deze verkeerstoren worden alle VTS - blokgebieden in de regio gecontroleerd. Het eerste gebied betreft het aanloopgebied van IJmuiden. De verkeersleider ziet toe op een veilige en vlotte vaart in een gebied buiten de 5 mijls zone van IJmuiden. Hier vindt ook het eerste contact met de inkomende schepen plaats op marifoonkanaal 07(aanroep verkeersdienst IJmuiden). Met behulp van radar en de modernste communicatie middelen wordt een schip onder alle weersomtandigheden verder naar binnen gedirigeerd. Vanaf de 5 mijls zone wordt het schip overgenomen op een ander blokkanaal, marifoonkanaal 61 (aanroep haven IJmuiden). In dit blokgebied wordt het schip voorzien van alle relevante informatie betreffende ligplaats, sluizen en beloodsing. Schepen kunnen op verschillende wijzen en plaatsen worden beloodst. Dit is afhankelijk van de weersomstandigheden en de afmetingen van het schip.
Verkeersbegeleiding PILOT-VTS IJmuiden
Het gebied van verkeersbegeleiding is opgedeeld in 5 blokgebieden. Elk blokgebied heeft een apart marifoonkanaal. De verkeersleiders maken gebruik van synthetische radar informatie en gedigitaliseerde kaarten. De radars zijn als een keten door het hele gebied aan elkaar gekoppeld volgens het principe van Multy Radar Tracking. De gegevens van de radarantennes worden via een centraal opgestelde computer samengevoegd en als één beeld gepresenteerd voor de diverse gebruikers. Tevens zijn op het Haven Operatie Centrum en bij Zandvoort radiopeilinstallaties geplaatst waarvan de peilgegevens van een VHF-oproep van een schip als lijnen op het bestaande radarbeeld worden getoond, dit ter identificatie van het betreffende schip op de radar. Op de schermen worden de tracks van de schepen gepresenteerd. Een track bestaat uit de afmetingen van de echo (indicatie lengte breedte van schip) ,de oriëntatie daarvan (voorliggende koers), de positie, de vaart, koers over de grond. Een extra softwarematige faciliteit voor de regio t.b.v. Loodsdienst (voor het geven van LOA) en de Verkeersdienst (voor het geven van radar informatie en radar assistentie) is 'routenavigatie'. Deze faciliteit geeft automatisch de dwarsafstand van het schip t.o.v. de lichtenlijn en de afstand tot het volgende snijpunt van de lichtenlijnen van een bepaalde route waaraan het schip gekoppeld kan worden. Is eenmaal een schip geïdentificeerd dan wordt zij door het gehele gebied gevolgd.
Vanaf de eerste identificatie wordt het schip van alle benodigde informatie voorzien. U moet daarbij denken aan de overige scheepsbewegingen in het gebied, de positie van het schip ten opzichte van referentielijnen, tijd en plaats van mogelijke beloodsing. Wanneer het schip binnen de 5 mijls range komt is het al opgenomen in sluis planning zodat een vlotte sluispassage wordt gewaarborgd. Naast het radarsysteem wordt gewerkt met een zeer uitgebreid scheepvaart informatie systeem. Een databank van alle bezochte schepen met bijzonderheden over schip en lading. Verder wordt in dit systeem de hele reis van zee tot ligplaats en visa versa geregistreerd. Door de uitgebreide verkeersbegeleiding en de moderne apparatuur is het mogelijk een schip onder alle omstandigheden naar binnen te begeleiden en de betrokken partijen van alle informatie te voorzien. Het systeem zal in een later stadium softwarematig volledig intergraal moeten gaan werken met het Haven Management Systeem, het regionale scheepvaart informatie verwerkend systeem gekoppeld met de diverse (administratieve) afhandelingsystemen.
De sluizen van IJmuiden, de poort van het Amsterdam Noordzeekanaal gebied (Webcam)
Een stukje geschiedenis
De opening van het Noordzeekanaal en de ingebruikname van de eerste zeesluis werd in 1876 verricht door koning Willen III. Twintig jaar later werd de Middensluis in gebruik genomen. In 1930 werd de Noordersluis als grootste sluis ter wereld in gebruik genomen. Met haar afmetingen van 400 x 50 x 15 meter was zij voor die tijd ruim begroot en berekend op de toekomst. Nu, ongeveer 70 jaar later, is zij voor de laatste generatie schepen en de te verwachtte nieuw te bouwen schepen niet meer toereikend. Door de schaalvergroting in de afgelopen decennia en de toegenomen ladingstroom naar en van het Amsterdam Noordzeekanaal gebied komen we in de nabije toekomst in de knel met de beschikbaarheid van de sluizen. Vandaar de roep om een nieuwe grote(re) sluis. De sluizen zijn er niet alleen voor Amsterdam. Ook de havens van Beverwijk, Zaanstad en Velsen zijn afhankelijk van de beschikbaarheid van het sluizencomplex.
Een stukje natuurkunde.
Een marginaal schip voor de Noordersluis heeft de afmetingen van < 42 x (max) 13,75 meter of (max) 45 x (max) 13,11 meter. Tussenliggende maten zijn vastgelegd in een tabel. Bij het invaren van de sluis van een marginaal schip ontstaat een opstuwing van het water in de sluis omdat het schip de sluisopening bijna afsluit. Bij het uitvaren van een marginaal schip zal er dus een dal ontstaan achter het uitvarende schip. Tevens zal door de het invaren van zoet water een diepgangsvermeerdering ontstaan van ongeveer 0,3 meter. Stroming van water zorgt voor een diepgang vermeerdering waardoor bij een geringe vrije kiel ruimte en versnelling van het in- of uitstromende water het squad-effect zou kunnen ontstaan. Bij het uitvaren van de sluizen aan de binnenzijde is de beschikbare Under Keel Clearance:
| Sluisdiepte t.o.v. N.A.P. - scheepsdpg. | 15 mtr. - 13,75 mtr. = 1,25 mtr. |
| Vermeerdering van dpg. (zout - zoet) | 1,25 mtr. - 0,3 mtr. = 0,95 mtr. |
| Kanaal peil t.o.v. N.A.P. | 0,95 mtr. - 0,45 mtr. = 0,50 mtr UKC. |
Door het verbod van het gebruik van de scheepsschroef boven de drempel van de sluis en de maximale uitvaarsnelheid van 1,5 km/uur wordt dit squad-effect teniet gedaan.
Het Sluisleidingscentrum staat direct naast de Noordersluis. Vanaf deze hoge sluis- en verkeerstoren zijn de vier sluizen zowel visueel als met behulp van verscheidene camera's goed te overzien. In deze toren wordt het verkeer van en naar de 4 sluizen in goede banen geleid (VHF 22). De Midden- en Noordersluis zijn echt bedoeld voor zeevaart en binnenvaart. Schepen die een afmeting hebben groter dan 180 meter lengte of 18 meter breedte, of 8 meter diepgang worden in beginsel in de Noordersluis geschut. De Noordersluis heeft qua diepgang een begrenzing van 13,75 meter. Omdat de Noordersluis steeds intensiever wordt gebruikt door zeeschepen, is de bouw van een nieuwe Noordersluis steeds actueler aan het worden. De achterliggende havens moeten ook in de toekomst goed bereikbaar blijven voor grote schepen.
De nieuwe tweede Noordersluis is aanzienlijk breder en de drempel ligt op grotere diepte zodat de zogenoemde 45 voeters (schepen met een diepgang van 13,75 meter in zoutwater) ongeacht de waterstand de sluis kunnen invaren. De Zuidersluis is direct gelegen naast de Kleinesluis en is recent gerenoveerd. Zij is specifiek bedoeld voor de binnenvaart. De zandvaart met bestemming zandzuiger Weesperkaspel of Olst is de grootste gebruiker. Voor de recreatie vaart is vooral de Kleinesluis geschikt. De sluis is specifiek ontworpen voor de recreatievaart. Deze meest zuidelijke gelegen en totaal vernieuwde sluis biedt een uitstekende toegangspoort tot de Noordzee en / of Amsterdam. De maximale toegestane diepgang wordt zowel aan de binnen zijde als aan de buiten zijde voortdurend door middel van elektronische borden aangegeven. Afmetingen van de sluizen
| De Noordersluis: | De Middensluis: |
| Lengte 400 meter | Lengte 200 meter |
| Breedte 50 meter | Breedte 25 meter |
| Drempeldiepte -15 meter N.A. P. | Drempeldiepte -10 meter N.A.P. |
| De Zuidersluis: | De Kleine sluis: |
| Lengte 103 meter | Lengte 111 meter |
| Breedte 18 meter tussen de contreforce | Breedte 11 meter |
| Drempeldiepte -7,85 meter N.A.P. | Drempeldiepte -3,75 meter N.A.P. |
Tevens is in het Sluisleidingcentrum de Verkeersdienst Noordzeekanaal gevestigd. Dit VTS-station (VHF 03) begeleidt het binnen- en scheepvaartverkeer op het Noordzeekanaal en de aanliggende havenbekkens tot aan kilometerraai 10,7. Door de plaatsing van een radarscanner nabij kilometerraai 9 heeft dit blokgebied ook volledige radardekking. Bij kilometerraai 10,7 staat het Houtrakgemaal en moet worden overgeschakeld naar het volgende blokgebied Haven Amsterdam.(VHF 68)
Haven Amsterdam
De seinplichtige schepen die gevaarlijke stoffen vervoeren als bedoeld in het ADNR, samenstellen >140 x 15 meter, zeeschepen, bijzondere transporten en passagierschepen die kilometerraai 10,7 (meldpunt "het houtrak") passeren richting Amsterdam, melden zich aan de Havendienst op VHF kanaal 14. Zij geven de bestemming en eventuele bijzonderheden door. De scheepvaart krijgt hierop weer relevante informatie over bijzonderheden in het blokgebied, vertrekkende/aankomende scheepvaart uit de havens. VHF 68 is het navigatie kanaal. Deze gegevens worden weer gebruikt door de verkeersleider om evt. andere schepen te informeren en om het regionale informatiesysteem Pontis en het landelijke meld en volg systeem (IVS) te updaten. Deze systemen worden gebruikt voor het ligplaatsbeheer van de haven en door de afdeling gevaarlijke stoffen en milieu. In het IVS worden in Amsterdam voornamelijk de doelgroepschepen ingevoerd.
VHF 68 is het informatie kanaal van de Havendienst Amsterdam. Hier wordt men naar toe verwezen bij evt. vragen, tevens is dit het kanaal waar de zo genoemde "doelgroep schepen" de gegevens verstrekken voor het IVS. Het is wat betreft Amsterdam als VTS station toch wel bijzonder dat hij tussen het rijtje van verkeersposten staat, want het blokgebied van "Haven Amsterdam" heeft geen radardekking. Toch wordt er aan de scheepvaart en met name de zeevaart assistentie verleent bij het vertrek en aankomst van een ligplaats en bij het in- of uitvaren van de havens door mobile radarposten, de al eerder genoemde patrouille boten van de havendienst. Deze vaartuigen nemen strategische plaatsen in bij druk scheepvaart verkeer. Ze geven, gevraagd of ongevraagd, informatie of evt. aanwijzingen. In de toekomst zal ook Amsterdam over een eigen radarketen beschikken, dit om een zo vlotte, veilige en milieuverantwoorde afwikkeling van de scheepvaart te waarborgen. Deze zal een volledige dekking over het hoofdvaarwater bieden waarbij tevens door strategische plaatsing van de antennes diep in de aan het hoofdvaarwater liggende havens gekeken kan worden. Het blokgebied van de Haven Amsterdam loopt door tot de boei Y10. Hierna wordt overgeschakeld naar VHF kanaal 60, sector Schellingwoude.
Opleidingen
Sinds 1996 verzorgt Haven Amsterdam een door het ministerie van Verkeer en Waterstaat erkende opleiding Verkeersleiders. Jaarlijks krijgen ± 25 medewerkers van het Haven Amsterdam een opleiding of een herhalingscursus. Met deze opleidingen worden de medewerkers van het Haven Amsterdam optimaal toegerust voor hun taken als begeleider van een veilig scheepvaartverkeer in de Amsterdamse havenregio. Daarnaast verzorgt Haven Amsterdam in samenwerking met de regionale loodscoöperatie IJmond, trainingen voor loodsen. Ook voor verkeersleiders uit het buitenland worden er regelmatig trainingen verzorgd. Haven Amsterdam beschikt over een eigen leslokaal en een speciale instructieruimte met een verkeerssimulator. In de instructieruimte bevinden zich 2 trainer-dubbelconsoles met elk 1 werkstation en 2 grafische displays. Daarnaast zijn er 2 trainingscabines voor de cursisten ingericht.
De verkeerssimulator is een computergestuurd systeem waarop de werkelijkheid van het scheepvaartverkeer kan worden nagebootst ten behoeve van opleidings- en trainingsdoeleinden. Dit wordt bereikt door de diverse categorieën schepen in de juiste aantallen en onderlinge verhoudingen, afhankelijk van de (gesimuleerde) locatie in het werkingsgebied aan het verkeer te laten deelnemen. Ook voorziet de simulator in een systeem voor administratieve en operationele verkeersafwikkeling (IVS). De communicatie vanaf de schepen wordt verzorgd door de instructeur(s). De trainees zien het verkeer op de radardisplay, de communicatie gaat via marifoon en telefoon en de administratie wordt bijgehouden middels het IVS. Tijdens de oefening vindt een recording van zowel beeld als geluid plaats. Deze recording kan bewaard worden voor de debriefing. Het doel van de verkeersdienst simulatortraining is het verkrijgen, en door geregelde vaardigheidstraining op peil houden, van voldoende vakbekwaamheid bij verkeersleiders en loodsen.
Haven Amsterdam
De Ruyterkade 7
1013 AA Amsterdam
Postbus 19406
1000 GK Amsterdam
tel. algemeen: 020 - 523 45 00
fax algemeen: 020 - 620 98 21
tel TMV: 020 - 523 47 80
fax TMV Verkeer: 020 - 523 47 00
tel. Verkeers-sluisdienst: 0255 - 52 39 34
fax Verkeers-sluisdienst: 020 - 523 48 00
e-mail: info@portofamsterdam.nl